Het doel van dit onderzoek was om inzicht te krijgen in de percepties van jongeren van 12 tot 20 jaar ten aanzien van discriminatie en pestgedrag, met een focus op hun ervaringen, communicatie hierover en meldingsvoorkeuren. Jongeren maken weinig onderscheid tussen discriminatie en pesten en ervaren dit op uiteenlopende plekken, vooral op school, maar ook in de buurt, online, bij sport en op het werk.
Uit het onderzoek, uitgevoerd door Trendbureau Gelderland in opdracht van discriminatie.nl Deventer en Art 1 NOG, blijkt dat jongeren sommige vormen, zoals leeftijdsdiscriminatie of “grapjes”, niet altijd als discriminatie herkennen en daardoor vaak niet melden. Het komt ook voor dat volwassenen, zoals docenten of werkgevers, discrimineren, wat extra impact heeft. Jongeren twijfelen bovendien of melden zin heeft, zijn bang voor reacties, weten niet waar ze terecht kunnen en worden regelmatig niet serieus genomen als ze discriminatie ter sprake brengen. Hierdoor blijft veel discriminatie onder de radar.
Opvallend is dat jongeren weinig praten over hun ervaringen, en als ze dat wel doen, vooral met hun vrienden, ouders of iemand op school. Melden doen ze zelden, vanwege het niet herkennen van discriminatie, onzekerheid over de ernst, gebrek aan bewijs, of twijfel over de effectiviteit van melden. Jongeren melden discriminatie het liefst bij hun ouders of op school bij een betrouwbaar persoon. Ze ervaren praten over een discriminerende ervaring al als waardevol, ook als dit niet leidt tot een officiële melding.
Beknopte Aanbevelingen
- Leer jongeren copingstrategieën aan om met discriminatie om te gaan.
- Gebruik taal die aansluit bij de belevingswereld van jongeren, gebruik herkenbare voorbeelden vanuit hun leefwereld in communicatiematerialen. Test materiaal vooraf met jongeren, zodat dat de boodschap begrijpelijk en relevant is.
- Creëer meerdere laagdrempelige meldpunten op locaties waar jongeren al komen, waar jongeren anoniem en veilig kunnen praten over hun ervaringen met discriminatie of pesten.
- Biedt verschillende meldmogelijkheden (telefonisch, online, anoniem) en zorg voor een herkenbare uitstraling van de fysieke meldpunten.
- Zorg voor zichtbare informatie over wat, waar en hoe te melden, bijvoorbeeld via posters, sociale media en voorlichting in de klassen.
- Bouw vertrouwen op door jongeren de mogelijkheid te bieden eerst kennis te maken met de vertrouwenspersonen voor dat ze een melding doen. Zorg voor goed getrainde medewerkers met ervaringskennis en een diversiteit in achtergronden zodat jongeren zich begrepen en herkend voelen.
- Volg de wens van de jongeren: praten over een ervaring hoeft niet altijd te leiden tot een officiële melding.
- Maak in beleid duidelijk onderscheid tussen het registreren, bespreken en melden van incidenten, met elk een eigen doel en handelingsperspectief.
- Informeer ouders en docenten over wat ze kunnen doen na een melding van pesten of discriminatie.
- Maak duidelijk dat iedereen discriminatie mag melden, niet alleen bepaalde groepen. Train omstanders om discriminatie te herkennen en bespreekbaar te maken.
- Zorg voor transparantie in het meldproces: benoem de stappen en het resultaat.
- Biedt nazorg aan melders, bijvoorbeeld via steungroepen of psychologische hulp, om om te gaan met de emotionele impact van de gebeurtenis en de melding.
- Hou systematisch incidenten bij om trends en patronen in pesten en discrimineren te herkennen en gebruik deze data om jaarlijks een rapport te publiceren.
Hieronder vindt u het gehele onderzoeksrapport.